Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Hoge intensiteit statinetherapie beïnvloedt LDL-c verlaging met PCSK9-remmer niet

25 mrt. 2015 - nieuws

High intensity statin therapy does not affect LDL cholesterol lowering with the PCSK9 inhibitor alirocumab

Gepresenteerd als Clinical Latebreaker op het EAS 83rd Annual Congress, Glasgow, Scotland, UK (21-25 mrt 2015)
 
In een analyse van zes alirocumab-studies waaraan meer dan 4000 patiënten meededen, werd het LDL-c verlagende effect met dit PCSK9-antilichaam niet beïnvloed door onderhoudstherapie met hoge intensiteit statinetherapie.
 
Het is bekend dat statines plasma PCSK9-concentraties verhogen, hetgeen mogelijk de effectiviteit van PCSK9-remmers zou kunnen verminderen. Deze hypothese werd getest in een analyse van 4166 patiënten die onderhoudstherapie kregen met een maximaal getolereerde dosis hoge intensiteit statines of niet-hoge intensiteit statine. Vijf studies stonden ook niet-statine lipideverlagende therapie toe. Alle patiënten hadden een hoog cardiovasculair risico (18% met heterozygote familiaire hypercholesterolaemie). Patiënten ontvingen alirocumab injecties (75 mg oplopend tot 150 mg elke 2 weken als de LDL-c doelstelling niet werd bereikt, of 150 mg elke 2 weken), placebo of de cholesterolabsorptieremmer ezetimibe, in aanvulling op achtergrond statinetherapie.
 
Achtergrond hoge intensiteit statinebehandeling had geen invloed op de LDL-c verlagende respons op alirocumab. De least square gemiddelde daling van LDL-c varieerde van 47-62% reductie bij hoge intensiteit statinebehandeling versus 35-61% in diegenen die geen hoge intensiteit statinebehandeling kregen. In de grootste studie van deze analyse, ODYSSEY LONG TERM (n=2310 patiënten), verminderde behandeling met alirocumab LDL-c met 62% in patiënten op hoge intensiteit statinebehandeling, in vergelijking met 61% in patiënten die dat niet kregen.
 
Een aparte analyse evalueerde het bereiken van de LDL-c doelstelling in acht fase 3 studies in patiënten met een hoog cardiovasculair risico op statinebehandeling met of zonder andere lipideverlagende therapie. Patiënten in deze studies werd behandeling met alirocumab (75 mg oplopend tot 150 mg elke 2 weken in week 12 als het LDL-c niveau boven de richtlijn-doelstelling was in week 8, of 150 mg elke 2 weken), placebo of ezetimibe toegewezen. In week 24 verminderde alirocumab LDL-c vanaf baseline met 49% (75/150 mg elke 2 weken) en met 60% bij 150 mg elke 2 weken (P<0.0001). Algemeen behaalde in deze trials 75-79% van de patiënten de LDL-c doelstelling (<1.8 of <2.6 mmol/L).
 
In beide analyses werd alirocumab over het algemeen goed verdragen. Lokale injectiesitereacties, influenza en pruritus waren de meest voorkomende bijwerkingen onder alirocumab-behandelde patiënten.
Deze gegevens zijn een aanvulling op de groeiende hoeveelheid aanwijzingen die suggereren dat deze nieuwe behandelingen een toekomstige rol gaan spelen om het management te verbeteren van patiënten met een hoog risico op hartaanval of beroerte, die doorgaans de LDL-c doelstellingen niet halen ondanks de beste behandeling, inclusief hoge intensiteit statines.
 

Bron

Persbericht European Atherosclerosis Society, 83rd Annual Congress, Glasgow, Scotland, UK