Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Cafeïne veroorzaakt geen aritmie bij hartfalenpatiënten

Zuchinali P, et al, JAMA Intern Med, 2016

Short-term Effects of High-Dose Caffeine on Cardiac Arrhythmias in Patients With Heart Failure: A Randomized Clinical Trial


Zuchinali P, Souza GC, Pimentel M, et al.
JAMA Intern Med 2016; published online ahead of print
 

Achtergrond

Er is nog veel onzekerheid of cafeïne inname aritmie veroorzaakt of niet [1,2]. In de klinische praktijk worden hartfalen (HF)-patiënten evengoed geadviseerd om geen cafeïne tot zich te nemen [3]. Plotseling cardiaal overlijden als gevolg van aritmie blijft een belangrijke oorzaak van morbiditeit en mortaliteit in HF-patiënten [4].
 
In deze studie is het effect op supraventriculaire en ventriculaire ectopie van hoge-dosering cafeïne-inname vergeleken met dit effect van placebo. Dit werd zowel bij rust als bij beweging gedaan, in een dubbelblinde, gerandomiseerde, cross-over studie met 51 Braziliaanse HF-patiënten met verminderde links-ventriculaire ejectiefractie (≤45%) en hoog-risico voor aritmie.
 
Tijdens deze trial begonnen patiënten met een wash-out periode van 7 dagen. Daarna kregen zij ieder uur 5 doseringen van 100 mL decafé koffie gemengd met 100 mg cafeïne of lactosepoeder. Dit werd gevolgd door een tweede 7-daagse wash-out periode en een cross-over.
 

Belangrijkste resultaten

  • Er waren geen significante verschillen geobserveerd in gemiddelde hartslag, ventriculaire voortijdige hartslagen (VPB’s) of supraventriculaire voortijdige hartslagen (SVPB’s) (geïsoleerd, gepaard of niet-blijvende tachycardie); gemiddeld VPB’s 185 vs. 239  (P=0.47) in respectievelijk cafeïne en placebogroep en 6 SVPB’s in iedere groep.
  • De OR voor het ervaren van minimaal 1 niet-blijvende tachycardie was 0.76 (5% CI: 0.31-1.80) en voor een niet-blijvende supraventriculaire tachycardie was 0.69 (95% CI: 0.30-1.61).
  • In een aanvullende analyse werd de frequentie van aritmie gestratificeerd voor plasma cafeïne-concentraties (boven en beneden de mediaan). Er kwam niet vaker aritmie voor in patiënten met hoge plasma cafeïneniveaus dan bij patiënten met lage cafeïneniveaus of dan bij patiënten van de placebogroep.
  • Tijdens de test op de hardloopband werden geen verschillen in VPB’s (cafeïnegroep 19 en placebogroep 11, P=0.57) en SVPB’s (cafeïnegroep 3 en placebogroep 1, P=0.39) gevonden. Ook de bewegingsduur (cafeïnegroep 10 min, placebogroep 9.4 min, P=0.56) en geschatte piek van zuurstofconsumptie (cafeïnegroep 19.5 en placebogroep 18.4 mL/kg/min, P=0.53) waren vergelijkbaar tussen beide groepen. De enige significante verschillen die gezien waren, waren een hogere systolische (SBP) en diastolische bloeddruk (DBP) piek in de cafeïnegroep. De SBP piek was 147 vs. 136 mmHg (P=0.004) en de DBP piek was 78.32 vs. 72 mmHg (P=0.001).
  • Subgroep analyse waarbij patiënten gestratificeerd werden voor ICD voor primaire of secundaire preventie of voor eerdere ICD, lieten geen effect zien van cafeïne inname op aritmie.
 

Conclusie

Acute inname van hoge-dosering cafeïne induceerde, zowel bij rust als in beweging, geen aritmie in 51 HF-patiënten. Deze data ondersteunen de aanbeveling van minder cafeïne-inname voor patiënten die hoog risico hebben voor aritmie niet.
 

Redactioneel commentaar [5]

In een uitnodiging voor commentaar, noemden Kelly en Granger de limiterende factoren van de studie. Deze includeren de korte duur van de blootstelling en het kleine aantal patiënten, wat het onmogelijk maakt om ferme conclusies te trekken met betrekking tot veiligheid van cafeïne-inname in HF-patiënten met hoog risico voor aritmie. Ze concluderen: “Samenvattend zijn de resultaten van Zuchinali et al, waarin zij vinden dat gematigde inname van cafeïne niet leidt tot een verhoging van ventriculaire of atriale ectopie in patiënten met hartfalen, geruststellend. Daarbij ook epidemiologische data meegenomen, welke veiligheid suggereert in uitgebreidere populaties. De veiligheid van matige tot hoge-dosering cafeïne-inname op de lange termijn, inclusief de populaire energiedranken bij patiënten met hoog risico voor aritmie, blijven echter onbekend. Tot dusver lijkt het aannemelijk om patiënten gerust te stellen met de boodschap dat matige cafeïne-inname veilig lijkt, ook voor patiënten met hartfalen.”
 
Vind dit artikel online op JAMA
 

Referenties

1. O’Keefe JH, Bhatti SK, Patil HR, et al. Effects of habitual coffee consumption on cardiometabolic disease, cardiovascular health, and all-cause mortality. J Am Coll Cardiol. 2013;62(12):1043-1051.
2. Glatter KA, Myers R, Chiamvimonvat N. Recommendations regarding dietary intake and caffeine and alcohol consumption in patients with cardiac arrhythmias: what do you tell your patients to do or not to do? Curr Treat Options Cardiovasc Med. 2012;14(5):529-535.
3. Hughes JR, Amori G, Hatsukami DK. A survey of physician advice about caffeine. J Subst Abuse. 1988;1(1):67-70.
4. EbingerMW, Krishnan S, Schuger CD. Mechanisms of ventricular arrhythmias in heart failure. Curr Heart Fail Rep. 2005;2(3):111-117.
5. Kelly JP, Granger CB. More evidence that caffeine appears safe in heart failure. JAMA Intern Med 2016; published online ahead of print