Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

DPP4 remmer veilig bij oudere diabetespatiënten

Bethel AM, et al, Diabetes Care 2017

Assessing the Safety of Sitagliptin in Older Participants in the Trial Evaluating Cardiovascular Outcomes With Sitagliptin (TECOS)

 
Bethel AM, Engel SS, Green JB, et al.
Diabetes Care 2017; published online ahead of print
 

Achtergrond

Diabetespatiënten die ouder dan 75 jaar zijn, hebben vaker disfunctioneren van de nieren, hartfalen (HF) en cardiovasculaire ziekte (CVD), wat therapeutische besluitvorming moeilijker maakt [1]. Bovendien zijn er weinig klinische data over type 2 diabetespatiënten (T2DM) die ouder zijn dan 75 jaar [2]. In de TECOS studie was de cardiovasculaire (CV) veiligheid van de DPP4 remmer sitagliptine bovenop standaardtherapie bepaald in T2DM-patienten met CVD en vergeleken met deze van placebopatiënten [3].
 
In deze analyse van de TECOS studie werden de baseline eigenschappen, klinische uitkomsten en veiligheidsprofiel van sitagliptine beschreven in deelnemers ≥75 jaar. Eerst werden deze vergeleken tussen oude en jonge deelnemers, en vervolgens binnen het cohort met oude deelnemers tussen sitagliptine- en placebo-behandelde deelnemers.
 

Belangrijkste resultaten

  • Van de 14.351 gerandomiseerde TECOS deelnemers was een leeftijd geregistreerd; 14% was ≥75 jaar en 4% was ≥80 jaar.
 
Oud vs jong
  • De mediane blootstelling aan sitagliptine was korter in de oudere dan bij de jongere deelnemers: 2.4 jaar (IQR 1.7-3.2) vs. 2.7 jaar (IQR 2.0-3.5), en meer van de oudere deelnemers stopten met sitagliptine tijdens de follow-up (36.6% vs. 24.1%).
  • Alle baseline eigenschappen waren significant verschillend tussen het oudere en jongere cohort, met uitzondering van geslacht en gebruik van sommige medicaties (sulfonylurea’s, insuline, statine en andere lipidenverlagende therapieën).
  • De primaire samengestelde CV uitkomst (CV sterfte, niet-fatale stroke, niet-fatale myocardinfarct [MI] of hospitalisatie voor onstabiele angina) kwam vaker voor in het oudere cohort: 16.9%, wat overeenkomt met 6.46 per 100 persoonsjaren ten opzichte van 10.4%, wat overeenkomt met 3.67 per 100 persoonsjaren (HR 1.72, 95% CI 1.52-1.94, P<0.001).
  • Oudere deelnemers hadden een hoger risico op het secundaire samengestelde CV eindpunt CV sterfte, niet-fataal MI of niet fataal stroke (HR 1.86, 95% CI: 1.63–2.11, P<0.001), HF hospitalisatie (HR 1.48, 95% CI: 1.18–1.87, P<0.001), samengesteld  HF of sterfte (HR 2.02, 95% CI: 1.75-2.34, P<0.001), sterfte door alle oorzaken (HR 2.52, 95% CI: 2.20–2.89, P<0.001), maligniteit (HR 1.76, 95% CI: 1.43–2.15, P<0.001), ernstige hypoglycemie (HR 1.53, 95% CI: 1.15–2.03, P=0.004) en botbreuken (HR 1.84, 95% CI: 1.44–2.35, P<0.001).
  • De meest gerapporteerde ernstige bijwerking aan de organen was in het oudere cohort “benigne, maligne en ongespecificeerd neoplasie” in 174 personen vs. 527 in het jongere cohort (verschil in proportie met event 4.49%, 95% CI: 3.26-5.86).
  • Na 4 maanden behandeling was het gemiddelde hemoglobine A1c (HbA1c) gehalte 0.4 percentuele punten lager in de oudere deelnemers op sitagliptine.
 
Sitagliptine vs placebo
  • In de intention-to-treat populatie kwam het samengestelde primaire CV eindpunt voor in 17.5% van de deelnemers uit de sitagliptinegroep, wat overeenkomt met 6.75 per 100 persoonsjaren, en in 16.2% van de deelnemers uit de placebogroep, wat overeenkomt met 6.19 per 100 persoonsjaren (HR 1.10, 95% CI 0.89-1.36, P=0.39).
  • Ook waren er geen verschillen tussen de behandelgroepen met betrekking tot het secundaire samengestelde CV eindpunt CV sterfte, niet-fataal MI of niet-fataal stroke (HR 1.01, 95% CI 0.81-1.26, P=0.94), hospitalisatie wegens hartfalen (HR 0.99, 95% CI 0.65-1.49, P=0.94), de samenstelling van hartfalen of sterfte (HR 1.00, 95% CI 0.77-1.29, P=0.99), sterfte door alle oorzaken (HR 1.05, 95% CI 0.83-1.32, P=0.71), maligniteit (HR 0.95, 95% CI 0.67-1.36, P=0.78), ernstige hypoglycemie (HR 1.03, 95% CI 0.62-1.71, P=0.92) en botbreuken (HR 1.21, 95% CI 0.78-1.85, P=0.40).   
  • Het aantal ernstige bijwerkingen was klein en over het algemeen goed gebalanceerd tussen de behandelgroepen.
 

Conclusie

In een grote groep deelnemers ≥75 jaar met diabetes dat goed onder controle was, verhoogde sitagliptine niet het risico op ernstige hypoglycemie en was het neutraal met betrekking tot CV uitkomsten gedurende 3 jaar follow-up. Deze resultaten dragen bij aan betere besluitvorming in de klinische praktijk wat betreft behandeling van oudere diabetespatiënten.
 
Vind deze publicatie online op Diabetes Care
 

Referenties

1. Huang ES, Laiteerapong N, Liu JY, et al. Rates of complications and mortality in older patients with diabetes mellitus: the diabetes and aging study. JAMA Intern Med 2014;174:251–258
2. Lakey WC, Barnard K, Batch BC, et al. Are current clinical trials in diabetes addressing important issues in diabetes care? Diabetologia 2013;56:1226–1235
3. Green JB, Bethel MA, Armstrong PW, et al.; TECOS Study Group. Effect of sitagliptin on cardiovascular outcomes in type 2 diabetes. N Engl J Med 2015;373:232–242