Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Real-world data tonen klinisch voordeel met empagliflozine, wat waarschijnlijk klasse-effect is

Kosiborod M, et al, Circulation 2017

Lower Risk of Heart Failure and Death in Patients Initiated on SGLT-2 Inhibitors Versus Other Glucose-Lowering Drugs: The CVD-REAL Study

 
Kosiborod M, Cavender MA, Fu AZ, et al.
Circulation 2017; published online ahead of print
 

Achtergrond

Hogere HbA1c niveaus zijn geassocieerd met een verhoogd risico op cardiovasculaire ziekte (CVD), echter intensieve glucoseregulatie is tot nu toe niet gerelateerd aan reductie van het aantal gevallen met hartfalen en van cardiovasculaire (CV) sterfte of sterfte door alle oorzaken [1,2].
 
In de EMPA-REG OUTCOME studie was een substantiële reductie van CV-sterfte en hospitalisatie wegens hartfalen (HHF) bij type 2 diabetespatiënten (T2DM) met bestaande atherosclerotische CVD die gerandomiseerd waren voor de SGLT2-remmer empagliflozine [3,4]. Er was slechts een klein verschil in HbA1c niveaus tussen empagliflozine- en placebo-behandelde patiënten, waardoor het klinische voordeel niet verklaard kan worden door glucoseverlaging. Hoewel de mechanismen die de resultaten van de EMPA-REG OUTCOME studie verklaren, onduidelijk zijn, blijft de vraag of het klinische voordeel met SGLT2-remmers reproduceerbaar is in de klinische praktijk.
 
In deze internationale real-world studie (6 landen) werden de risico’s op HHF, sterfte en het gecombineerde eindpunt HHF of sterfte bepaald, in T2DM-patiënten die behandeld werden met SGLT-2 remmers (n=166.033) of met andere glucoseverlagende middelen (oGLD’s, n=1.226.221). Deze studie werd uitgevoerd om de CV-voordelen met SGLT2-remmers (canagliflozine, dapagliflozine, empagliflozine) te bevestigen in een real-world setting, om te bepalen of er een klasse-effect is en om te beoordelen of deze effecten ook worden behaald in T2DM-patiënten met een breder CV-risicoprofiel dan deze in de EMPA-REG OUTCOME studie waar alleen patiënten met bestaande CVD geïncludeerd waren.
 

Belangrijkste resultaten

  • Vergeleken met patiënten op oGLD’s waren patiënten op SGLT2-remmers jonger, hadden minder vaak chronische nierziekte of CV-complicaties, hadden vaker microvasculaire ziekte, kregen vaker statines, bloeddrukverlagende middelen en andere glucoseverlagende medicatieklassen op baseline en kregen minder vaak loop-diuretica.
  • De baseline eigenschappen waren goed gebalanceerd tussen de groepen na matching en de gestandaardiseerde verschillen waren <10% voor de meeste variabelen.
  • De gemiddelde leeftijd was 57 jaar, 44% was vrouw, 13% had bestaande CVD, 67% ontving statines, 80% bloeddrukverlagende middelen, 74% ACE-remmers/ARB’s en 79% metformine.
  • De initiatie van SGLT2-remmers vs. oGLD’s werd geassocieerd met een lager risico op HHF (gepoolde HR 0.61, 95% CI 0.51-0.73, P<0.001) en een lager risico op sterfte (gepoolde HR 0.49, 95% CI 0.41-0.57, P<0.001), alsmede een lager risico op het samengestelde eindpunt HHF of sterfte (gepoolde HR 0.54, 95% CI 0.48-0.60, P<0.001).
  • Sensitiviteitsanalyses waarbij gecorrigeerd werd voor meerder variabelen, stapsgewijs specifieke oGLD-klassen werden verwijderd of vergelijkingen werden gedaan binnen een geografisch gebied, leverden vergelijkbare resultaten op.
 

Conclusie

In een grote multinationale studie werd behandeling van T2DM-patiënten met SGLT-2 remmers versus oGLD’s geassocieerd met minder HHF en sterfte in een real-world setting. Gezien een behoorlijk merendeel van de patiënten geen bestaande CVD had, suggereert dit dat de voordelen van SGLT2-remmers voor preventie van hartfalen, naast het type patiënten dat tot nog toe in klinische studies geïncludeerd waren, mogelijk ook gelden voor laag-risicopatiënten. Bovendien is er aanzienlijke variatie in het gebruik van SGLT2-remmers tussen geografische gebieden en is er geen heterogeniteit van resultaten gezien tussen landen, wat suggereert dat er waarschijnlijk een klasse-effect is met SGLT2-remmers.

Vind deze publicatie online op Circulation
 

Referenties

1. Bertoni AG, Hundley WG, Massing MW, et al. Heart failure prevalence, incidence, and mortality in the elderly with diabetes. Diabetes Care. 2004;27:699-703.
2. Matsushita K, Blecker S, Pazin-Filho A, et al. The association of hemoglobin a1c with incident heart failure among people without diabetes: The atherosclerosis risk in communities study. Diabetes. 2010;59:2020-2026.
3. Zinman B, Wanner C, Lachin JM, et al, Investigators E-RO. Empagliflozin, cardiovascular outcomes, and mortality in type 2 diabetes. New Engl J Med. 2015;373:2117-2128.
4. Fitchett D, Zinman B, Wanner C, et al. Heart failure outcomes with empagliflozin in patients with type 2 diabetes at high cardiovascular risk: Results of the empa-reg outcome trial. Eur Heart J. 2016;37:1526-1534.