Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Verband tussen meer fruit en groenten eten en minder perifeer arterieel vaatlijden

Heffron SP et al., ATVB 2017

Greater Frequency of Fruit and Vegetable Consumption Is Associated With Lower Prevalence of Peripheral Artery Disease

 
Heffron SP, Rockman CB, Adelman MA, et al.
Arterioscler Thromb Vasc Biol. 2017;37: published online ahead of print

Achtergrond

Verschillende richtlijnen bevelen consumptie van een bepaalde hoeveelheid fruit en groenten (F&G) per dag aan, met name op basis van associaties tussen F&G en een lager risico op kanker en algehele sterfte [1-3]. Minder robuuste data zijn beschikbaar over verbanden tussen F&G consumptie en CV ziekte [4,5].
In deze grote gemeenschap-gebaseerde studie werd de associatie tussen F&G consumptie en de aanwezigheid van perifeer arterieel vaatlijden (PAV) bepaald in ongeveer 3.7 miljoen Amerikaanse volwassenen (gemiddelde leeftijd 64.1 + 10.2 jaar, 64.1% vrouw, 89.1% wit). De studiepopulatie bestond uit zelf-verwezen individuen die vasculaire screening ondergingen bij Life Line Screening Inc. tussen 2003 en 2008. Voordat ze antropometrische testen ondergingen, vulden de deelnemers een uitgebreide vragenlijst in over demografie, risicofactoren, medische geschiedenis, lichamelijke activiteit en dieet.
 

Belangrijkste resultaten

  • Hogere leeftijd, vrouwelijk geslacht, niet-zittende leefstijl, hoger inkomen, en frequente consumptie (bijna alle dagen van de week) van vis, noten, en rood vlees waren positief geassocieerd met de dagelijkse consumptie van F&G.
  • Niet-blank ras, momenteel of eerder roken, ongehuwd zijn, en frequentie consumptie van fast food waren omgekeerd gecorreleerd met dagelijkse inname van ten minste 3 porties F&G.
  • Na multivariabele correctie voor leeftijd, geslacht, ras/etniciteit, en klinische risicofactoren werd een omgekeerde associatie gezien tussen F&G inname en PAV prevalentie (P voor trend <0.001).
  • Aanvullende correctie voor inkomen en dieetcomponenten anders dan F&G resulteerde in minimale afzwakking van de relatie (P voor goodness of fit =0.12).
  • Wanneer gecorrigeerde analyses werden gestratificeerd op geslacht, bleef de associatie bestaan, maar deze was iets duidelijker in mannen (P<0.01).
  • De stratificatie van de groep naar rookstatus (huidig, eerder en nooit) liet zien dat de omgekeerde associatie van meer F&G consumptie met PAV zich beperkte tot deelnemers die nu of eerder rookten.
  • Van alle deelenemers met een afwijkende enkel-arm-index (ABI), had 73.2% een ABI van 0.9-0.7, 19.7% een ABI van 0.7-0.5 en 7.1% een ABI<0.5.
  • De omgekeerde relatie met F&G inname was sterker met afnemende ABI in zowel ruwe als multivariate-gecorrigeerde modellen.

Conclusie

In een grote gemeenschap-gebaseerde studie werd een omgekeerd verband gezien tussen consumptie van F&G en prevalent PAV. Deze resultaten doen vermoeden dat hogere F&G consumptie belangrijk kan zijn bij de preventie van PAV.
 
Vind dit artikel online op ATVB
 

Referenties

1. US Department of Health and Human Services and US Department of Agriculture. Dietary Guidelines for Americans 2015–2020. 8th ed. Washington, DC: U.S. Government Printing office; 2015.
2. Boffetta P, Couto E, Wichmann J, et al. Fruit and vegetable intake and overall cancer risk in the European Prospective Investigation into Cancer and Nutrition (EPIC). J Natl Cancer Inst. 2010;102:529–537.
3. Bellavia A, Larsson SC, Bottai M, et al. Fruit and vegetable consumption and all-cause mortality: a dose-response analysis. Am J Clin Nutr. 2013;98:454–459.
4. Dauchet L, Amouyel P, Dallongeville J. Fruits, vegetables and coronary heart disease. Nat Rev Cardiol. 2009;6:599–608.
5. Hu D, Huang J, Wang Y, et al. Fruits and vegetables consumption and risk of stroke: a meta-analysis of prospective cohort studies. Stroke. 2014;45:1613–1619.