Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

PCSK9 remming vermindert CV events ook op veilige wijze in patiënten met diabetes

EASD 2017 - Lissabon, Portugal

15 sep. 2017 - nieuws

Gepresenteerd door Marc Sabatine (Brigham and Women’s Hospital, Boston, MA, USA) tijdens de 53rd Annual Meeting of the European Association for the Study of Diabetes (EASD) in Lisbon, Portugal.

Een nieuwe analyse van de FOURIER CV uitkomstenstudie toonde aan dat het verlagen van LDL- niveaus met de PCSK9 remmer evolocumab significant en consistent CV events verminderde in patiënten met en zonder diabetes op baseline.

De analyse laat zien dat diabetes onafhankelijk geassocieerd as met een aanzienlijk verhoogd risico op CV morbiditeit en mortaliteit in patiënten met atherosclerotische CV ziekte. Patiënten met diabetes neigden naar een groter absolute CV event risicoreductie met evolocumabbehandeling, als gevolg van hun hogere baselinerisico. Consequent met eerdere studies van intensieve LDL-c verlaging, had evolocumab geen effect op CV mortaliteit. De analyse liet ook zien dat evolocumab niet geassocieerd was met een hoger risico op nieuw ontstane diabetes of verslechterende glycemie gedurende een mediaan van 2.2 jaar follow-up in patiënten zonder diabetes of pre-diabetes. Er werden geen nieuwe veiligheidssignalen opgemerkt in deze analyse.

Als onderdeel van een vooraf gespecificeerde analyse van de evolocumab CV eindpunten studie, werd diabetesstatus gedefinieerd op basis van patiëntgeschiedenis, klinische events commissie-beoordeling, of baseline HbA1c van 6.5% of meer of nuchtere plasmaglucose (FPG) van 7.0 mmol/L (126 mg/dL) of meer. Bij studiebaseline, had 40% van de patiënten diabetes (n=11,031) en 60% niet (n=16,533), van wie 10,344 pre-diabetes hadden en 6,189 normoglycemisch was. In deze analyse, had de diabetessubgroep een 57% gemiddelde afname van LDL-C niveaus na behandeling met evolocumab ten opzichte van placebo (95%CI: 56-58.0; p<0.0001), en in de niet-diabetes subgroep hadden patiënten behandeld met evolocumab 60% gemiddelde daling na 48 weeks (95%CI: 60-61; p<0.0001), tot 0.8 mmol/L (30 mg/dL) in beide groepen.

De HR van evolocumabbehandeling voor het samengestelde primaire eindpunt, dat bestond uit hospitalisatie voor onstabiele angina, coronaire revascularisatie, hartaanval, stroke of CV sterfte, was 0.83 (95%CI: 0.75-0.93; p=0.0008) voor diegenen met diabetes, en 0.87 (95%CI: 0.79-0.96; p=0.0052) voor patiënten met diabetes. Als gevolg van hun hogere baseline risico op CV events, was er een tendens dat patiënten met diabetes een grotere absolute risicoreductie met evolocumabbehandeling hebben dan patiënten zonder diabetes (2.7% [95%CI: 0.7-4.8] vs. 1.6% [95%CI, 0.1-3.2]), wat met name gedreven werd door een absolute risicodaling van coronaire revascularisatie (2.7 [95%CI:1.1-4.2] vs. 1.8% [95%CI: 0.6–3.1]). De HR van evolocumab behandeling voor het secundaire samengestelde eindpunt van hartaanval, stroke of CV sterfte was 0.82 (95%CI: 0.72-0.93; p=0.0021) voor diegenen met diabetes en 0.78 (95%CI: 0.69-0.89; p=0.0002) voor diegenen zonder diabetes. Zoals gezien in de algemene studieresultaten, leek de grootte van de risicoreductie van zowel het primaire als het secundaire eindpunt toe te nemen in de tijd na het eerste jaar, in patiënten met en zonder diabetes.

Evolocumab, in vergelijking met placebo, verhoogde het risico op new-onset diabetes niet in patiënten zonder diabetes op baseline (8.0% [663/8,256] vs. 7.6% [631/8,254]; HR 1.05, 95%CI:0.94-1.17), inclusief diegenen met pre-diabetes (HR 1.00, 95%CI: 0.89-1.13). Niveaus van HbA1c en FPG waren vergelijkbaar tussen de evolocumab en placebogroepen in de tijd in patiënten met diabetes, pre-diabetes of normoglycemie.

De algemene frequenties van nadelige events en ernstige bijwerkingen waren vergelijkbaar tussen evolocumab en placebo in patiënten met en zonder diabetes. Onder patiënten met diabetes op baseline waren de aandelen patiënten met bijwerkingen 78.5% (4,327 of 5,513 patiënten) in de evolocumabgroep en 78.3% (4,307 of 5,502 patiënten) in de placebogrop. Onder patiënten zonder diabetes op baseline, waren de aandelen patiënten met bijwerkingen 76.8% (6,337 of 8,256 patiënten) in de evolocumabgroep en 76.8% (6,337 of 8,254 patiënten) in de placebogroep.

Bron: persbericht Amgen, 15 September 2017

De resultaten werden gelijktijdig gepubliceerd in The Lancet Diabetes & Endocrinology