Dapagliflozine bij nieuw gediagnosticeerd versus verslechterend chronisch HF: inzichten van DAPA ACT HF-TIMI 68
ESC Heart Failure 2026 – In deze vooraf gespecificeerde analyse van DAPA ACT HF-TIMI 68 waren patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF jonger, hadden zij minder comorbiditeiten, grotere symptomatische verbetering, betere uitkomsten na ontslag en minder veiligheidsuitkomsten dan patiënten met verslechterend chronisch HF. De werkzaamheid en veiligheid van het starten van dapagliflozine tijdens ziekenhuisopname waren consistent, ongeacht de chroniciteit van HF.
Deze samenvatting is gebaseerd op de presentatie van dr. Paul Haller (Wenen, Oostenrijk) tijdens het ESC Heart Failure 2026 congres - Dapagliflozin in patients hospitalized with newly diagnosed heart failure: a prespecified analysis of the DAPA ACT HF-TIMI 68 trial.
Introductie en methoden
Klinische studies naar nieuwe therapieën voor hartfalen (HF) hebben zich traditioneel gericht op ambulante patiënten met chronisch HF, terwijl er slechts beperkte gegevens beschikbaar zijn over patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF.
Het doel van deze vooraf gespecificeerde analyse van DAPA ACT HF-TIMI 68 was om: (1) de klinische profielen en uitkomsten van gehospitaliseerde HF-patiënten te vergelijken op basis van HF-chroniciteit; en (2) de behandelingseffecten van het starten van dapagliflozine tijdens ziekenhuisopname te evalueren volgens HF-chroniciteit.
DAPA ACT HF-TIMI 68 (Dapagliflozin Effect on Cardiovascular Events in Acute Heart Failure–Thrombolysis in Myocardial Infarction 68) was een door onderzoekers geïnitieerde, gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie naar het starten van dapagliflozine tijdens ziekenhuisopname bij 2401 patiënten die waren opgenomen voor HF. Patiënten werden binnen 1 tot 14 dagen na opname gerandomiseerd naar dapagliflozine 10 mg eenmaal daags of placebo. De follow-upduur bedroeg 2 maanden.
In deze vooraf gespecificeerde analyse werden patiënten gestratificeerd op basis van HF-chroniciteit in nieuw gediagnosticeerd HF (n=1074) of verslechterend chronisch HF (n=1327).
De primaire uitkomstmaat was het eerste optreden van cardiovasculaire sterfte of verslechtering van HF.
Belangrijkste resultaten
Nieuw gediagnosticeerd versus chronisch HF met verslechtering
- Vergeleken met patiënten met verslechterend chronisch HF waren patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF jonger, hadden zij minder comorbiditeiten, minder vaak een ischemische oorzaak van HF, lagere NT-proBNP-waarden en een hogere eGFR.
- Na 2 maanden lieten patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF grotere verbeteringen in KCCQ-TSS zien dan patiënten met verslechterend chronisch HF (verschil: +11,4; 95%BI: 9,4-13,4; P<0,001).
- De cumulatieve incidentie van de primaire uitkomst was lager bij patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF dan bij patiënten metverslechterend chronisch HF.
- Veiligheidsuitkomsten kwamen minder vaak voor bij patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF dan bij patiënten met verslechterend chronisch HF.
Behandelingseffect van het starten van dapagliflozine tijdens ziekenhuisopname
- In de hoofdstudie verminderde dapagliflozine de primaire uitkomst niet significant ten opzichte van placebo, hoewel de puntschatting in het voordeel van dapagliflozine was (HR: 0,84; 95%BI: 0,66-1,07). In een meta-analyse van het starten van SGLT2-remmers tijdens ziekenhuisopname bedroeg de HR voor de primaire uitkomst 0,71 (95%BI: 0,54-0,93).
- In deze vooraf gespecificeerde analyse werd een vergelijkbaar werkzaamheidspatroon van dapagliflozine gezien in de verschillende HF-chroniciteitsubgroepen.
- Veiligheidsuitkomsten waren vergelijkbaar tussen dapagliflozine en placebo, ongeacht HF-chroniciteit (alle P voor interactie>0,05).
Conclusie
Patiënten met nieuw gediagnosticeerd HF waren jonger, hadden minder comorbiditeiten, grotere symptomatische verbeteringen, betere uitkomsten na ontslag en minder veiligheidsproblemen dan patiënten met verslechterend chronisch HF, ongeacht de gerandomiseerde behandeling. De werkzaamheid en veiligheid van het starten van dapagliflozine tijdens ziekenhuisopname waren consistent, ongeacht de HF-chroniciteit.
- Onze rapportage is gebaseerd op de informatie die tijdens het ESC Heart Failure 2026 congres is verstrekt -
