PCSK9-remmers verbeteren uitkomsten bij ASCVD-patiënten zonder eerdere ischemische events

In een observationele cohortstudie werd behandeling met een PCSK9-monoklonaal antilichaam geassocieerd met een 31% lager risico op ischemische events of sterfte door alle oorzaken bij patiënten met ASCVD zonder eerdere ischemische events.

Deze samenvatting is gebaseerd op de publicatie van Bhatt DL, Perrone Filardi P, Khan I - PCSK9 inhibitor treatment and outcomes in patients with atherosclerotic cardiovascular disease but without prior ischaemic events: an observational study. Eur Heart J. 2026 Apr 16:ehag176. [Online ahead of print]. doi: 10.1093/eurheartj/ehag176.

Introductie en methoden

Achtergrond

Behandeling met PCSK9-monoklonale antilichamen heeft in gerandomiseerde klinische studies geleid tot een afname van MACE bij patiënten met vastgestelde ASCVD [1,2]. Real-world gegevens over de werkzaamheid van deze behandeling zijn echter nog beperkt.

Om deze kennislacune te adresseren, voerden onderzoekers de OPTIMUS-CLASS-studie uit. Hierin werd de associatie onderzocht tussen behandeling met een PCSK9-monoklonaal antilichaam en het risico op MACE en sterfte door alle oorzaken in de dagelijkse klinische praktijk bij patiënten met ASCVD, maar zonder eerdere ischemische events.

Methoden

Deze observationele studie maakte gebruik van gegevens uit de Optum Research Database in de Verenigde Staten. Tussen januari 2016 en december 2022 identificeerden de onderzoekers patiënten met gedocumenteerde ASCVD die startten met een PCSK9-monoklonaal antilichaam (alirocumab of evolocumab). Patiënten met een voorgeschiedenis van een MI, instabiele angina pectoris of ischemische beroerte werden uitgesloten.

In totaal werden 6.545 patiënten die startten met een PCSK9-remmer met behulp van propensity score matching in een 1:2-verhouding gematcht met 13.125 patiënten die geen PCSK9-remmer kregen, wat resulteerde in een studiepopulatie van 19.670 patiënten. De baselinekarakteristieken waren goed vergelijkbaar tussen beide groepen.

Patiënten werden gedurende maximaal 5 jaar gevolgd. De uitkomsten werden geanalyseerd met de parametrische G-formule, een geavanceerde statistische methode die is ontwikkeld om bias in observationele vergelijkingen te verminderen [3,4].

Uitkomstmaten

Het primaire eindpunt was een samengesteld eindpunt van niet-fataal MI, niet-fatale ischemische beroerte of sterfte door alle oorzaken.

Baselinekarakteristieken

  • De gemiddelde leeftijd was 68,1 jaar en 50,7% van de patiënten was man.
  • 73,8% had stabiele angina pectoris, 16,5% had een PCI ondergaan en 11,9% had een CABG ondergaan.
  • Slechts 61,4% van de patiënten gebruikte bij aanvang een statine, terwijl 27,4% geen enkele lipidenverlagende therapie kreeg.

Belangrijkste resultaten

  • In een intention-to-treatanalyse bedroeg het geschatte 5-jaarsrisico op het primaire samengestelde eindpunt 17,5% (95%BI: 15,5–19,5) bij patiënten die werden behandeld met een PCSK9-remmer en 25,4% (95%BI: 23,6–27,1) bij patiënten die geen PCSK9-remmer kregen.
  • Dit kwam overeen met een relatieve risicoreductie van 30,9% (95%BI: 22,3–38,1) en een absolute risicoreductie van 7,8% (95%BI: 5,3–10,1).
  • Vergeleken met geen behandeling met een PCSK9-remmer was behandeling met een PCSK9-remmer geassocieerd met een 28,3% lager relatief risico op niet-fataal MI (P<0,0001), een 26,4% lager relatief risico op niet-fatale ischemische beroerte (P=0,02) en een 28,5% lager relatief risico op sterfte door alle oorzaken (P<0,0001).
  • Bij gebruikers van een PCSK9-remmer daalde het gemiddelde LDL-c tijdens de on-treatment follow-up van 117,8 mg/dl naar 54,7 mg/dl, overeenkomend met een absolute LDL-c-daling van 63,1 mg/dl en een relatieve LDL-c-daling van 53,6%.
  • Om mogelijke resterende confounding te beoordelen, analyseerden de onderzoekers een falsificatie-eindpunt bestaande uit incidente kanker, ziekenhuisopname wegens majeure bloeding of ziekenhuisopname wegens sepsis. Voor dit falsificatie-eindpunt werd geen significant verschil tussen de groepen gevonden, met een relatieve risicoreductie van 10,2% (95%BI: −19,1 tot 27,3; P=0,26) en een absolute risicoreductie van 1,1% (95%BI: −1,8 tot 2,9; P=0,28).

Conclusie

In deze grote observationele studie was behandeling met een PCSK9-monoklonaal antilichaam geassocieerd met een lager risico op MACE of sterfte door alle oorzaken bij patiënten met ASCVD die nog geen MI of ischemische beroerte hadden doorgemaakt. Volgens de auteurs "geeft deze analyse geruststelling dat behandeling met een PCSK9-monoklonaal antilichaam cardiovasculaire events in een real-world populatie ten minste even sterk lijkt te verminderen als werd waargenomen in de gerandomiseerde studies met PCSK9-monoklonale antilichamen."

Vind dit artikel online op Eur Heart J.

Referenties

  1. Schwartz GG, Steg PG, Szarek M, Bhatt DL, Bittner VA, Diaz R, et al. ODYSSEY OUTCOMES committees and investigators. Alirocumab and cardiovascular outcomes after acute coronary syndrome. N Engl J Med 2018;379: 2097–107. https://doi.org/10.1056/NEJMoa1801174
  2.  Sabatine MS, Giugliano RP, Keech AC, Honarpour N, Wiviott SD, Murphy SA, et al. Evolocumab and clinical outcomes in patients with cardiovascular disease. N Engl J Med 2017;376:1713–22. https://doi.org/10.1056/nejmoa1615664
  3. Hernán MA, Robins JM. Causal Inference: What If. Boca Raton: Chapman & Hall/CRC, 2020. 4. Wen L, Young JG, Robins JM, Hernán MA. Parametric g-formula implementations for causal survival analyses. Biometrics 2021;77:740–53. https://doi.org/10.1111/biom.13321
Registreren

We zijn blij te zien dat je geniet van CVGK…
maar wat dacht u van een meer gepersonaliseerde ervaring?

Registreer gratis