1. Startpagina
  2. Nieuws en literatuur
  3. Hyperlipidemie

Welke factoren vinden patiënten en zorgverleners van belang bij beslissing over PCSK9-remmertherapie?

Volgens Nederlandse online-enquêtes vonden zowel patiënten met een zeer hoog risico als zorgverleners werkzaamheid het belangrijkst bij de beslissing om PCSK9-remmers te starten als aanvullende behandeling. Maar ze verschilden van mening over de noodzaak van gedeelde besluitvorming.

Deze samenvatting is gebaseerd op de publicatie van Mulder JWCM, Galema-Boers AMH, Kranenburg LW, et al. - PCSK9 inhibitor experiences and preferences of patients and healthcare professionals in decision-making: A mixed methods study. Atherosclerosis. 2024 Dec 20;401:119101 [Online ahead of print]. doi: 10.1016/j.atherosclerosis.2024.119101

Introductie en methoden

Achtergrond

Klinische richtlijnen voor de preventie van HVZ benadrukken het belang van gedeelde besluitvorming in de klinische praktijk [1,2]. Met de beschikbaarheid van meer opties voor lipidenverlagende therapie (lipid-lowering therapy, LLT), zoals PCSK9-remmers, is het essentieel dat patiënten en hun artsen het eens zijn over het behandelplan. Hoewel de perspectieven en voorkeuren van patiënten en zorgverleners met betrekking tot het gebruik van statinetherapie eerder zijn onderzocht [3-5], is dit niet het geval voor de start en het gebruik van PCSK9-remmers [6].

Doel van de studie

De auteurs onderzochten de voorkeuren en ervaringen van patiënten en zorgverleners met betrekking tot de start en het gebruik van PCSK9-remmers als aanvullende LLT.

Methoden

In een mixed-methods-studie met een exploratief sequentieel ontwerp werden 25 opeenvolgende patiënten van de lipidenkliniek van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam die werden beschouwd als hebbende een zeer hoog risico (d.w.z.: ze hadden ASCVD, LDL-c >1,8 mmol/l ondanks optimale orale LLT en een ASCVD-risicofactor zoals DM2 of roken) en die in aanmerking kwamen voor vergoeding van PCSK9-remmers, geïnterviewd over hun ervaringen en voorkeuren betreffende PCSK9-remmers. Vervolgens werd via e-mail een anonieme online-enquête over patiëntervaringen verspreid onder 284 patiënten die in deze kliniek werden behandeld en een PCSK9-remmer voorgeschreven kregen; 170 van hen vulden de vragenlijst in (respons: 60%). Daarnaast vulden 59 zorgverleners op het gebied van HVZ-risicomanagementzorg een online-enquête in over hun voorkeuren bij het voorschrijven van PCSK9-remmers en de waargenomen voorkeuren van patiënten.

Belangrijkste resultaten

Patiënten

• Tijdens de interviews gaven de meeste patiënten (n=18; 72%) aan dat werkzaamheid de belangrijkste factor was in de beslissing om aanvullende LLT te starten, gevolgd door bijwerkingen (n=4; 16%) en gebruiksgemak (n=3; 12%).

• Op de vraag wie zou moeten beslissen om aanvullende LLT te starten, gaven 18 ondervraagden (72%) de voorkeur aan gedeelde besluitvorming, terwijl 6 (24%) wezen op de zorgverlener en 1 (4%) aangaf de beslissing zelf te willen nemen.

• Uit de online-enquête bleek dat 141 patiënten (83%) werkzaamheid het belangrijkst vonden bij de beslissing over het starten van aanvullende LLT, gevolgd door bijwerkingen (n=24; 14%) en gebruiksgemak (n=5; 3%).

• Bijna alle patiënten die de online-enquête invulden (n=153; 90%) waren voorstander van gedeelde besluitvorming bij de beslissing om behandeling met een PCSK9-remmer te starten, vergeleken met 10 (6%) die er de voorkeur aan gaven dat de zorgverlener de beslissing neemt en 7 (4%) die voor de patiënt kozen.

Zorgverleners

• Van de zorgverleners vonden 54 (92%) de werkzaamheid de belangrijkste factor in de beslissing om aanvullende LLT te starten en 5 (8%) de bijwerkingen. Geen van hen selecteerde gebruiksgemak als belangrijkste factor.

• Wat betreft de voorkeuren van hun patiënten verwachtten 28 zorgverleners (47%) dat patiënten veiligheid (bijwerkingen) als prioriteit zouden stellen, gevolgd door werkzaamheid (n=25; 42%) en gebruiksgemak (n=6; 10%).

• Voor 16 zorgverleners (27%) was de voorkeur van de patiënt doorslaggevend voor het type PCSK9-remmer dat zij zouden voorschrijven. De meesten (59%) gaven echter de voorkeur aan een monoklonaal antilichaam tegen PCSK9 (evolocumab of alirocumab), 3% koos een PCSK9-siRNA (inclisiran) en 8% had geen specifieke voorkeur.

• Verschillende zorgverleners zeiden dat patiëntkenmerken hun voorschrijfvoorkeur beïnvloedden. De meesten kozen voor een monoklonaal antilichaam voor patiënten met statine-intolerantie of familiaire hypercholesterolemie, terwijl naaldenfobie, therapieontrouw en beperkte gezondheidsvaardigheden redenen waren om voor een siRNA te kiezen.

Conclusie

In deze mixed-methods-studie naar de start en het gebruik van PCSK9-remmers als aanvullende LLT was voor zowel patiënten als zorgverleners werkzaamheid het belangrijkste aspect van de beslissing om deze aanvullende behandeling te starten. Bijna alle patiënten (90%) gaven de voorkeur aan gedeelde besluitvorming over het starten van behandeling met een PCSK9-remmer. Slechts 27% van de zorgverleners hield echter rekening met de voorkeur van de patiënt bij de keuze van het type PCSK9-remmer. Ze gaven wel aan dat specifieke patiëntkenmerken deze keuze konden beïnvloeden, zoals statine-intolerantie of naaldenfobie. “Om gedeelde besluitvorming te vereenvoudigen, moet toekomstig onderzoek zich richten op de ontwikkeling en het effect van een keuzehulp voor patiënten”, aldus de auteurs.

Vind dit artikel online op Atherosclerosis

Referenties

  1. F.L.J. Visseren, F. Mach, Y.M. Smulders, et al., ESC Guidelines on cardiovascular disease prevention in clinical practice: developed by the Task Force for cardiovascular disease prevention in clinical practice with representatives of the European Society of Cardiology and 12 medical societies with the special contribution of the European Association of Preventive Cardiology (EAPC), Eur. Heart J. 42 (2021) 3227–3337.
  2. D.K. Arnett, R.S. Blumenthal, M.A. Albert, et al., ACC/AHA guideline on the primary prevention of cardiovascular disease, J. Am. Coll. Cardiol. 74 (2019) e177–e232.
  3. S.T. Ahmed, J.M. Akeroyd, D. Mahtta, et al., Shared decisions: a qualitative study on clinician and patient perspectives on statin therapy and statin-associated side effects, J. Am. Heart Assoc. 9 (2020) e017915.
  4. K.D. Valentine, S. Brodney, K. Sepucha, M.J. Barry, Predictors of informed people’s preferences for statin therapy to reduce cardiovascular disease risk: an internet survey study, J. Gen. Intern. Med. 38 (2023) 36–41.
  5. S. Brodney, K.D. Valentine, K. Sepucha, et al., Patient preference distribution for use of statin therapy, JAMA Netw. Open 4 (2021) e210661.
  6. Q. Hao, B. Aertgeerts, G. Guyatt, et al., PCSK9 inhibitors and ezetimibe for the reduction of cardiovascular events: a clinical practice guideline with risk-stratified recommendations, BMJ 377 (2022) e069066.
Registreren

We zijn blij te zien dat je geniet van CVGK…
maar wat dacht u van een meer gepersonaliseerde ervaring?

Registreer gratis