Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Vrouwen met atriumfibrilleren hebben een hoger risico op NSTEMI dan mannen

Soliman et al., Circulation 2015

Atrial Fibrillation and Risk of ST-Segment Elevation versus Non-ST Segment Elevation Myocardial Infarction: The Atherosclerosis Risk in Communities (ARIC) Study


Soliman EZ, Lopez F, O’Neal WT et al.
Circulation, April 27, 2015, doi: 10.1161/CIRCULATIONAHA.114.014145
 

Achtergrond

Behalve dat atriumfibrilleren (AF) een bekende risicofactor is voor beroerte [1,2], is recentelijk ook aangetoond dat AF een risicofactor is voor myocardinfarct (MI) [3]. In de Reasons for Geographic and Racial Differences in Stroke [REGARDS] studie was AF geassocieerd met een 70% hoger risico op incident MI na correctie voor diverse CV risicofactoren en mogelijke confounders, en het risico was significant hoger in vrouwen dan in mannen en in zwarten ten opzichte van blanken [3]. Deze resultaten moeten worden gevalideerd in een onafhankelijk cohort.
Om die reden wordt de associatie tussen AF en MI onderzocht in de Atherosclerosis Risk in Communities [ARIC] studie [4]. Door onderscheid te maken tussen ST elevatie MI (STEMI) en non-STEMI (NSTEMI) kan mogelijk iets worden gezegd over het onderliggende mechanisme. Gegevens van 14 462 deelnemers zonder coronaire hartziekte ten tijde van inclusie werden geanalyseerd, van wie 1545 individuen AF hadden (31 bij baseline en 1514 tijdens follow-up) voordat zij een MI doormaakten. Gedurende een mediane follow-up tijd van 21.6 (IQR: 16.9-22.6), traden 1374 incidente MI events op.
 

Belangrijkste resultaat

  • De leeftijdsgecorrigeerde incidentie van MI was bijna drie keer zo hoog in mensen met AF dan in diegenen zonder (event rate per 1000 persoonsjaren: 11.60 [95%CI: 10.49-12.83] vs. 3.96 [3.71-4.22], rate ratio: 2.93, 95%CI: 2.61-3.30).
  • Subgroepanalyses op basis van sekse en ras, leverde de hoogste MI incidentie rate ratios (IRR) op basis van AF status in vrouwen (IRR: 3.75, 3.14-4.47) en zwarten (IRR: 3.26, 95%CI: 2.57-4.14), in vergelijking tot mannen (IRR: 2.27, 95%CI: 1.94-2.66) en blanken (IRR: 2.88, 95%CI: 2.52-3.30).
  • De associatie tussen AF en risico op MI was sterker in vrouwen dan in mannen (interactie P<0.001). Er werd geen significante interactie tussen de associatie en ras gezien (P=0.16).
  • 249 van de incidente Mis waren STEMI en 829 NSTEMI. Er was geen significant verschil in de tijd vanaf AF diagnose tot STEMI of NSTEMI.
    AF was geassocieerd met een verhoogd risico op NSTEMI (multivariabele HR: 1.80, 95%CI: 1.39-2.31), maar niet STEMI (multivariabele HR: 0.49, 95%CI: 0.18-1.34). Vergelijkbare relaties werden gezien in subgroepanalyses op basis van sekse of ras.

Conclusie

In deze analyse van de ARIC studie bleek AF geassocieerd met een significant verhoogd risico op incidente MI na correctie voor CV en andere risicofactoren. Dit verband was sterker in vrouwen dan in mannen en mogelijk meer in zwarten dan in blanken, en bleek alleen te gelden voor NSTEMI. Dit wijst in de richting van gedeeltelijke vernauwing van de coronaire arterie of verhoogde zuurstofvraag als onderliggende mechanismen van de associatie tussen AF en MI.
 
Vind dit artikel online bij Circulation
 

Referenties

1. Wolf PA, Abbott RD, Kannel WB. Atrial fibrillation as an independent risk factor for stroke: the Framingham Study. Stroke. 1991;22:983-988.
2. Wang TJ, Massaro JM, Levy D, et al. A risk score for predicting stroke or death in individuals with new-onset atrial fibrillation in the community: the Framingham Heart Study. JAMA. 2003;290:1049-1056.
3. Soliman EZ, Safford MM, Muntner P, et al. Atrial fibrillation and the risk of myocardial infarction. JAMA Intern Med. 2014;174:107-114.
4. The ARIC Investigators. The Atherosclerosis Risk in Communities (ARIC) study: design and objectives. Am J Epidemiol. 1989;129:687-702.