Cardiovasculaire Geneeskunde.nl

Ook in een real-world setting zijn nieuwe orale anticoagulantia geassocieerd met betere effectiviteit

Coleman C, et al, Curr Med Res Opin, 2016

Real-World Evidence of Stroke Prevention in Patients with Nonvalvular Atrial Fibrillation in the United States: the REVISIT-US Study

 
Coleman C, Antz M, Bowrin K, et al.
Curr Med Res Opin. 2016 Sep 20:1-7. [Epub ahead of print]
 

Achtergrond

Gerandomiseerde klinische trials hebben laten zien dat orale factor Xa remmers zoals rivaroxaban, apixaban en edoxaban, vergeleken met warfarine een gunstige effectiviteit en veiligheid hebben [1-3]. In de klinische praktijk worden orale anticoagulantia (OAC’s) echter wellicht anders gebruikt.
 
In de ‘Real-world evidence on stroke prevention in patients with atrial fibrillation in the United States’ (REVISIT-US) studie is de effectiviteit en veiligheid van rivaroxaban en apixaban vergeleken met die van warfarine in een real-life setting. Hierbij werd gebruik gemaakt van data uit een grote, administratieve claim database uit de Verenigde Staten. Patiënten waren 180 dagen voor de behandeling niet behandeld met OAC’s en waren nog nooit eerder behandeld met rivaroxaban of apixaban. Elke geïncludeerde rivaroxabangebruiker of apixabangebruiker werd 1:1 gematched ten opzichte van een warfarinegebruiker, gebaseerd op propensity-score. Primaire eindpunten waren ischemische stroke en intracraniële bloedingen (ICH).
 

Belangrijkste resultaten

  • 11.411 rivaroxabangebruikers werden gematched met 11.411 warfarinegebruikers.
  • De hazard voor ischemische stroke of ICH was lager voor rivaroxabangebruikers vergeleken met warfarinegebruikers (HR: 0.61, 95% CI: 0.45-0.82).
  • Onafhankelijk van elkaar waren beide HR’s voor stroke en ICH lager voor rivaroxaban vergeleken met warfarine (respectievelijk HR: 0.71, 95% CI: 0.47-1.07 en HR: 0.53, 95% CI: 0.35-0.79).
  • 4.083 apixaban gebruikers werden gematched met 4.083 warfarinegebruikers.
  • De hazard voor ischemische stroke of ICH was lager voor apixabangebruikers vergeleken met warfarine gebruikers (HR: 0.63, 95% CI: 0.35-1.12), maar dit was niet significant.
  • Onafhankelijk van elkaar was de HR voor ICH 0.38 (95% CI: 0.17-0.88), terwijl dit verhoogd was voor ischemische stroke (HR: 1.13, 95% CI: 0.49-2.63), maar dit was niet significant.
 

Conclusie

De real-world REVISIT-US studie met NVAF patiënten uit de VS bevestigde de resultaten uit fase III studies (ROCKET-AF, ARISTOTLE); zowel rivaroxaban als apixaban waren geassocieerd met minder intracraniële bloedingen vergeleken met warfarine. Er is meer onderzoek nodig naar de niet-statistisch significante hogere frequentie ischemische stroke voor apixaban gebruikers vergeleken met warfarine gebruikers, gezien deze trend geobserveerd was in een relatief klein aantal patiënten. Een verklaring zou kunnen zijn dat er meer gebruik is gemaakt van de gereduceerde apixaban dosering (2.5 mg, 2 maal daags) of matige therapietrouw.
 
Vind deze publicatie online op Curr Med Res Opin
 

Referenties

1. Patel MR, Mahaffey KW, Garg J, et al.; ROCKET AF Investigators. Rivaroxaban versus warfarin in nonvalvular atrial fibrillation. N Engl J Med. 2011;365:883-891.
2. Granger CB, Alexander JH, McMurray JJ, et al., ARISTOTLE Committees and Investigators. Apixaban versus warfarin in patients with atrial fibrillation. N Engl J Med. 2011;365:981-92.
3. Giugliano RP, Ruff CT, Braunwald E, Murphy SA et al., ENGAGE AF-TIMI 48 Investigators. Edoxaban versus warfarin in patients with atrial fibrillation. N Engl J Med. 2013;369:2093-104.